Scroll down

Alternate Text
Pers banner

Persbericht: Zorgen over uithuisplaatsing van kinderen: juiste hulp blijft uit

De juiste zorg en ondersteuning blijft vaak uit voor kinderen en ouders wanneer een uithuisplaatsing dreigt of daadwerkelijk plaatsvindt. Dit blijkt uit onderzoek van kinderrechtenorganisatie Defence for Children, die alarm slaat over het jeugdbeschermingsstelsel. Belangrijke oorzaken zijn de lange wachtlijsten in de zorg en het gebrek aan passende hulp. Eva Huls, advocaat en auteur van het rapport: “Een uithuisplaatsing is een zeer emotionele en impactvolle gebeurtenis. Om uithuisplaatsingen te voorkomen en het jaarlijkse aantal te verminderen, is passende zorg en begeleiding voor kinderen en ouders nodig. Nederland faalt nu en moet flink aan de bak, want kinderen hebben recht op de best passende zorg, niet op het minst slechte alternatief.” 

Afgelopen jaar kreeg Defence for Children verschillende signalen over uithuisplaatsingen via de Kinderrechtenhelpdesk. Zo zouden kinderen tijdens de eerste fase van hun uithuisplaatsing vaak geen contact met hun ouders mogen hebben. Ook zouden gezinnen niet altijd de juiste hulp en behandeling krijgen in de periode voor de uithuisplaatsing en daarna. Dat is zorgelijk, omdat het aantal kinderen dat jaarlijks in Nederland niet thuis opgroeit, nauwelijks daalt. Vorig jaar groeiden 43.000 kinderen niet in hun oorspronkelijke thuissituatie op. Ruim 18.900 kinderen werden via de kinderrechter uit huis geplaatst. Defence for Children heeft daarom 95 professionals bevraagd en sprak vijf jongeren en twee ouders over hun ervaringen met uithuisplaatsingen. Ook nam de kinderrechtenorganisatie de ontwikkelingen in het jeugdbeschermingsstelsel van de afgelopen twee jaar onder de loep.

Niet altijd contact tussen ouder en kind na uithuisplaatsing 

Hoewel nagenoeg alle professionals het contact (zeer) belangrijk vinden, ziet minder dan de helft (46 procent) dat kinderen en ouders tijdens de eerste fase van de uithuisplaatsing doorgaans contact hebben. Volgens 41 procent van de zorgprofessionals verschilt dit contact per situatie en 12 procent gaf aan dat er helemaal geen contact was. Ouders en kinderen worden volgens ongeveer de helft van de ondervraagden bij beslissingen over dit contact betrokken. Volgens jongeren zelf worden zulke beslissingen hen vaak medegedeeld, waarmee ze het gevoel hebben hier zelf geen enkele inspraak in te hebben. Ze zouden hier meer betrokken bij willen worden en hechten veel waarde aan de manier waarop ze worden behandeld en aangesproken. 

Niet de juiste hulp 

Volgens een derde van de professionals krijgen ouders onvoldoende hulp voordat hun kind uit huis wordt geplaatst. Juiste hulp tijdens de uithuisplaatsing zou zelfs volgens bijna de helft van de professionals (46 procent) ontbreken. Dit zou komen door onder andere de bijna volledig afgeschafte gezinsgerichte systeemtherapie. Ook signaleren professionals twee structurele problemen: de strikte scheiding in Nederland tussen de GGZ en de jeugdzorg en de veelheid aan verschillende instanties in de jeugdbeschermingsketen, die niet op dezelfde manier werken. Dit leidt onder meer tot verschil in visie of aanpak en komt een goede analyse over wat een gezin nodig heeft niet ten goede. Om uithuisplaatsingen te voorkomen en het aantal te verminderen, zou volgens de ondervraagden moeten worden geïnvesteerd in traumascreening en -behandeling, in het maken van een kwalitatief goede analyse van de gezinsproblematiek (een verklarende analyse) en zou gezinsgerichte en kleinschalige specialistische zorg moeten worden uitgebreid. 

Jeugdbeschermingsstelsel schiet te kort

Eva Huls, advocaat in dienst bij Defence for Children: “Naast de belemmeringen in het zorgsysteem, zoals de lange wachtlijsten, missen we ook een fundamentele discussie over vragen als: wanneer is ouderschap goed genoeg? Wanneer heeft de jeugdbeschermer en de jeugdhulpverlening zich voldoende ingespannen om een uithuisplaatsing af te wenden? Is er consensus over wanneer een scheiding van ouders in het belang van het kind is en wanneer hoeft niet meer aan terugplaatsing worden gewerkt? Wat geldt hierbij als bewijs?” 

Het functioneren van de jeugdbeschermingsketen is al vaker onderzocht en verschillende instanties hebben verschillende voorstellen voor verbetering gedaan. Toch blijven veranderingen opmerkelijk genoeg uit. Defence for Children beveelt dringend aan inzichtelijk te maken waarom het niet lukt die verbetervoorstellen op te volgen en belemmeringen op te heffen. Nederland faalt nu in het bieden van passende en tijdige zorg en ondersteuning aan kinderen en gezinnen, met alle gevolgen van dien. Dat levert een kinderrechtenschending op.

Deel dit artikel

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Door gebruik te maken van onze website gaat u akkoord met ons beleid. Privacy verklaring
Ja
Nee