Scroll down

Alternate Text
News banner

“Zonder advocaat zouden wij nog steeds in dat Poolse detentiecentrum zitten”

“We liepen bijna drie uur in de stromende regen door een pikkedonker bos. We wisten niet of we goed liepen en struikelden steeds over boomstronken. Ik had twee van onze kinderen op mijn rug, mijn vrouw droeg onze jongste. Ze konden niet stoppen met huilen.”

Een hel, zo noemt de 35-jarige Afghaanse Hikmatullah Karimi de tocht op de grens tussen Polen en Belarus die hij vorig jaar zomer met zijn gezin aflegde. Ze sloegen in juni op de vlucht na doodsbedreigingen. “Ik werd bedreigd omdat ik voor een telecommunicatiebedrijf werkte dat ook inlichtingen doorgaf aan de Afghaanse regering die toen nog niet was gevallen. Mijn zwager was al ontvoerd en gemarteld, ik had mezelf met mijn gezin opgesloten in ons huis. Toen de buren vertelden dat er onbekende mannen langs waren geweest in de straat, besloten we te vluchten.”

Nachtmerrie

Vele Afghaanse families sloegen vorig jaar zomer vlak voor en na de val van de Afghaanse regering op de vlucht en probeerden via Belarus Polen te bereiken. “Vanuit Rusland reisden we naar de Belarussische grens met Polen. Daar begon onze nachtmerrie pas echt.”

“De crisis aan de grens met Belarus heeft onze manier van werken compleet veranderd”, zegt advocaat Małgorzata Jaźwińska van SIP, een Poolse organisatie die vluchtelingen juridisch ondersteunt. “We hebben nog nooit zo’n humanitaire crisis meegemaakt in Polen, er zijn mensen gestorven langs die grens. De focus lag daarom eerst op humanitaire hulp verlenen en daarna pas op juridische hulp. Ons team was continu aanwezig langs de grens om vluchtelingen op hun rechten te wijzen.”

Hikmatullah Karimi, zijn vrouw Aisha en drie jonge kinderen werden door de Poolse grenspolitie aangehouden en naar een detentiecentrum gebracht. “Mijn kinderen konden de eerste drie nachten niet slapen van de traumatische ervaringen. Mijn vrouw kreeg door de stress opnieuw epileptische aanvallen die ze lange tijd niet had gehad.”

Kinderen in detentiecentra

Volgens de Poolse wet mogen gezinnen met kinderen onder bepaalde voorwaarden worden opgesloten in detentiecentra voor migranten, waar de leefomstandigheden volgens SIP zeer slecht zijn: “Die centra zijn ongeschikt voor kinderen”, zegt advocaat Jaźwińska. “Er is geen kinderarts of -psycholoog aanwezig en kinderen mogen niet naar school, ze moeten de hele dag in het detentiecentrum blijven.”

SIP werd in de afgelopen jaren ondersteund door Defence for Children met hulp van de Nationale Postcodeloterij. Zo kon SIP gezinnen juridisch bijstaan in de detentiecentra, zoals het gezin Karimi dat in honderd dagen tijd vier verschillende detentiecentra zag. “Die verhuizingen hebben een grote impact op kinderen”, legt advocaat Jaźwińska uit. “Elke keer dat ze hun spullen moeten pakken, denken ze dat ze eindelijk worden vrijgelaten.”

Miskraam

In het laatste detentiecentrum bleek moeder Aisha opnieuw zwanger. Ondanks aandringen van haar echtgenoot bij de staf, werd moeder Aisha niet gecontroleerd door een gynaecoloog. Ze kreeg een miskraam, volgens Hikmatullah door een te hoge dosis epilepsiemedicijnen die zij van de verpleging in het centrum kreeg. “Die nacht viel de hemel op mij neer. Mijn vrouw kon niet stoppen met huilen”, vertelt Hikmatullah.

Het enige sprankje hoop was de hulp die het gezin van SIP kreeg. “Zonder hun advocaat zouden wij nog steeds in dat detentiecentrum zitten”, zegt Hikmatullah stellig. “We kregen niet alleen juridische hulp, maar ook kleding en schoolboeken voor onze kinderen. We zaten op een kleine kamer en mochten maar twee keer op een dag eventjes naar buiten om te luchten. Die extra hulp was zo waardevol, we voelden ons gezien.”

“Een jaar geleden zou ik hebben gezegd dat wij dit soort hulp niet verlenen, want wij zijn een juridische organisatie”, zegt advocaat Jaźwińska, “maar alles is veranderd sinds de crisis aan de grens vorig jaar. De detentiecentra moeten zorgen dat mensen basisvoorzieningen zoals kleding krijgen, maar als wij zien dat dit niet gebeurt, proberen we te helpen.” Volgens de advocaat komt dit niet alleen door de grote toename van vluchtelingen die aankomen in Polen: “Het is ook een gebrek aan goede wil.”

Aanklacht tegen Poolse staat

Ook hielp de organisatie de familie Karimi met een aanklacht tegen de Poolse staat vanwege hun opsluiting als gezin. Dat is misschien niet volgens de Poolse wet verboden, maar er zijn wel voorwaarden. “De familie had al traumatische ervaringen met geweld, dat kan een reden zijn om een gezin niet te mogen opsluiten”, vertelt advocaat Jaźwińska die zijn zaak begeleidt. “Bovendien mag een detentie van kinderen mag alleen als alle alternatieven goed zijn onderzocht. Wij stellen dat dit niet is gebeurd.”  In vergelijkbare zaken kreeg SIP al gelijk van de rechter en kregen gezinnen compensatie.

Na 100 dagen werd het gezin Karimi door de inzet van SIP vrijgelaten en naar een open opvangcentrum overgebracht. “Maar door alle traumatische ervaringen konden we niet in Polen blijven”, vertelt Hikmatullah die met zijn gezin doorreisde naar Berlijn. “Ik volg nu een cursus Deutsch en mijn kinderen gaan hier naar school. We vinden eindelijk een beetje rust”, vertelt Karimi die nu met zijn gezin in een Berlijns opvangcentrum verblijft.

Toekomst in Duitsland

De Afghaanse ingenieur hoopt dat hij met zijn familie in Duitsland mag blijven, maar dat kan nog lastig worden vanwege EU-regels waardoor een vluchteling in het eerste land van aankomst in de EU moet worden opgevangen. “Een Duitse advocaat probeert dit nu aan te vechten vanwege onze traumatische ervaringen”, zegt Karimi die zelf graag aan het werk wil in Duitsland.

Zijn tienjarige dochter Asra vindt Berlijn een mooie stad: “Ik vind de parken en fonteinen het mooist. Maar ik mis mijn oma in Afghanistan heel erg”, vertelt ze. School vindt ze leuk, omdat haar juf en klasgenootjes aardig zijn: “De Duitse taal is moeilijk, maar ik doe mijn best om het snel te leren.”

“Mijn kinderen doen het hier hartstikke goed op school”, vertelt hij trots. “De juf stuurde mij onlangs een brief waarin staat dat mijn kinderen zo goed kunnen leren. Ze doen het zelfs beter dan Duitse klasgenoten! Ik hoop dat ze hier aan hun toekomst mogen gaan bouwen.” Asra heeft al studieplannen: “Ik wil dokter worden, want ik wil graag mensen helpen.”

Foto's: Nadja Wohlleben

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen

“Ik dacht dat ik mijn moeder nooit meer zou zien”

Wat heeft een kind alleen op de vlucht nodig na aankomst op een Grieks eiland? Overheidsinstanties en hulporganisaties f…


Lees meer

“Jongens zoals hij weten dat ze moeten knokken om iets te bereiken”

“Ebram zei tijdens een wandeling hier op de kade: ‘Kijk, op zo’n houten boot ben ik ook over zee gekomen, met wel drieho…


Lees meer

“Verbeeldingskracht doet ontzettend veel met een kinderbrein dat op slot zit”

“Wij wachten al zo lang!” verzuchten vier Afghaanse meisjes in het Farsi. Ze hangen tegen elkaar aan op een bankje terwi…


Lees meer
We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Door gebruik te maken van onze website gaat u akkoord met ons beleid. Privacy verklaring
Ja
Nee