Scroll down

Alternate Text
News banner

De rol van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers in de strijd tegen mensenhandel

In het kader van EU Anti-Trafficking Day publiceren Defence for Children en Free Press Unlimited een drieluik met drie perspectieven op de strijd tegen mensenhandel: vanuit de onderzoeksjournalistiek, justitie en opvang. In het eerste interview belicht Lost in Europe het perspectief van de onderzoeksjournalistiek. Voor het tweede interview spreken we met Warner ten Kate, landelijk officier van justitie mensenhandel en mensensmokkel. In het derde en laatste interview praten we met de woordvoerder van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA).

Als er signalen zijn van mensenhandel en/of -smokkel plaatst het COA niet-begeleide minderjarige ‘vreemdelingen’ in de beschermde opvang. In 2019 ging het om 30 kinderen. Ongeveer 20 van hen waren Vietnamezen. Ondanks de veiligheidsmaatregelen verdwenen deze Vietnamese jongeren. We vragen de woordvoerder hoe dat kan, waarop hij vertelt over de uitdaging om de alleenstaande jongeren voor te bereiden op hun onzekere toekomst.

In het eerste interview schetste onderzoeksjournalist Roeland Termote een beeld van de (verdwenen) alleenstaande Vietnamese minderjarigen. Hij zei:

“Ze willen naar Europa, het liefst naar het VK, of hun familie wil dat, omdat ze schulden hebben af te lossen of economische kansen zien. Ze denken dat het leven in Europa beter is. Sommigen hebben een comfortabele reis achter de rug, anderen zijn mishandeld. Ze willen niet graag samenwerken met autoriteiten, weten niet wie ze kunnen vertrouwen. Ze willen werken of zijn met de smokkelaars een verbintenis aangegaan om te werken om hun schulden af te lossen. Ze staan onder druk en willen hun familie in Vietnam niet in de problemen brengen.”

Is dit beeld herkenbaar voor het COA?

“Ja, dat is herkenbaar. De indruk is dat ze op doorreis zijn en niet in Nederland willen blijven. Ze vragen hier meestal ook geen asiel aan. Ze zijn met een soort belofte weggegaan. Vaak is er door families flink geïnvesteerd. Vanuit hen is er de hoop dat ze een beter leven krijgen en daar ligt de focus. De jongeren kunnen het vaak niet over hun hart verkrijgen om ouders of familie aan de andere kant van de wereld te vertellen dat het niet gelukt is. Ze hebben weleens foto’s laten zien op Facebook van jongeren die eerder waren vertrokken naar Europa: ze dragen merkkleding en zien er gelukkig uit. Dat is het beeld dat geschetst wordt en daar willen ze aan voldoen.’’

Wat is de rol van het COA bij de beschermde opvang (BO) en wat houdt BO in?  

“Een jongere heeft in Nederland recht op opvang tot hij 18 jaar wordt, ongeacht of er een asielaanvraag loopt of niet. Het COA en Stichting Nidos zijn verantwoordelijk voor die opvang. Als er onder alleenstaande minderjarigen signalen zijn van mensenhandel en/of mensensmokkel, en die kunnen vanuit meerdere organisaties komen, dan zorgt het COA voor veilige huisvesting in de BO. Het COA biedt ook de noodzakelijke middelen, denk bijvoorbeeld aan toegang tot onderwijs, en begeleidt jongeren als voorbereiding op een toekomst in Nederland, of in het land van herkomst. Om er zeker van te zijn dat er alleen minderjarigen in de BO terechtkomen, vindt er eerst een leeftijdsschouw plaats.

Voor de leeftijdsschouw moeten we bij de Immigratie en Naturalisatie Dienst zijn, de IND. Schouwen is eigenlijk een ander woord voor keuren. Er wordt gekeken naar het uiterlijk van de (gestelde) minderjarige. Er wordt onder andere gelet op rimpels (rondom ogen, voorhoofd, mondhoeken, handen); terugwijkende haargrens; zeer veel gezichts-/lichaamsbeharing; grijze haren; zichtbare adamsappel. Ook het gedrag en verklaringen van de jongere worden bij de leeftijdsschouw betrokken. Het schouwen van de (gestelde) minderjarige vindt plaats in twee sessies, door verschillende medewerkers. Degenen die bij het schouwen betrokken zijn, oordelen onafhankelijk van elkaar. Levert de schouw onvoldoende duidelijkheid op, dan biedt de IND de (gestelde) minderjarige een leeftijdsonderzoek aan. Daarbij worden röntgenopnamen gemaakt van de groeischijven in het hand/polsgebied en van de sleutelbeenderen. Vervolgens wordt door een arts bepaald of de mate van uitrijping van deze groeischijven past bij de opgegeven leeftijd.

De opvang wordt uitgevoerd door twee zorginstellingen: XONAR in het zuiden en Yadeborg in het noorden van Nederland. De landelijke voogdijinstelling Nidos heeft ook een rol bij de BO. Nidos geeft de indicatie af voor plaatsing in de BO en alle jongeren in de BO staan onder voogdij van Nidos.

Volgens Nidos is het Nederlandse systeem, waarbij niet-begeleide kinderen onder voogdij van de stichting Nidos worden geplaatst, uniek in Europa. Het betekent dat Nidos dezelfde rechten en plichten heeft als een ouder zou hebben. Als voogdij-instelling ziet Nidos toe op een goede uitoefening van de zorg die geboden wordt en als deze zorg niet toereikend is, grijpt Nidos in. De voogdij wordt in de praktijk uitgevoerd door jeugdbeschermers van Nidos, die ieder ongeveer 19 kinderen onder hun hoede hebben en hen minstens een keer per maand zien. 

Hoe ziet het leven in de BO eruit?

“De jongeren krijgen vanaf dag 1 intensieve 24-uurs begeleiding en gaan iedere dag naar school. Samen wordt gewerkt aan de weerbaarheid en de zelfstandigheid van de jongere. Dit gebeurt in drie fases: wennen, verblijven en afscheid. In de eerste fase mogen ze bijvoorbeeld niet zonder begeleiding naar buiten. Na een tijd worden de vrijheden uitgebreid en mogen ze voor een korte periode zelfstandig naar buiten. De tijd en afstand worden steeds verder verruimd. Vanzelfsprekend zijn er taalbarrières en cultuurverschillen, maar de BO-medewerkers hebben daar ervaring mee en organiseren activiteiten met culturele aspecten zoals eten en muziek.

In de BO gelden een aantal veiligheidsmaatregelen om de jongeren te beschermen tegen mensenhandelaren- en/of smokkelaars. Ze worden niet opgesloten, maar de vrijheid van de jongeren is beperkt. De jongeren moeten bijvoorbeeld de mobiele telefoon inleveren en mogen niet zonder begeleiding op internet. Het COA  probeert zo ongewenst vertrek te voorkomen. De meeste jongeren ronden het traject in de BO met succes af en stromen door naar een vervolgopvang. Helaas kunnen we dat niet zeggen over Vietnamese jongeren. We hebben meegemaakt dat ze door een piepklein raam op de eerste verdieping zijn verdwenen.”

Wat is de grootste uitdaging voor het COA in de opvang van deze groep kwetsbare minderjarigen?

“De alleenstaande jongeren krijgen steeds iets meer vrijheden, omdat ze ook moeten wennen aan het feit dat ze niet voor altijd in de BO (mogen) verblijven. De gemiddelde verblijfsduur is negen maanden. In principe moet een jongere de BO weer verlaten als hij of zij niet meer tot de risicogroep behoort of 18 jaar wordt. Asiel wordt niet vaak toegewezen aan Vietnamezen en als ze al aangifte van mensenhandel doen, wordt deze meestal geseponeerd. Het is daarom een uitdaging hen een langdurig toekomstperspectief te bieden.

Het feit dat de BO geen gesloten setting is, maakt dat het mogelijk is om de keuze te maken om te vertrekken. Opvangmedewerkers hebben soms ook de indruk dat jongeren  geïnstrueerd zijn over de procedures in Nederland. Wellicht hebben ze een grote drang om zich te houden aan het vooropgestelde plan, of worden ze gedwongen om de keuze te maken te vertrekken. Ongeacht de inzet (en die kan ver gaan) en de begeleiding door het COA kan dat niet altijd voorkomen worden.”

BO-medewerkers geven aan dat ze letterlijk met lege handen staan als minderjarigen vertrekken. Ze hebben een gebrek aan mandaat, mogen niet fouilleren en niemand fysiek tegenhouden. Zou dat anders kunnen, moeten?

“Nee, onze taak is het opvangen en begeleiden van jongeren en daar horen bepaalde taken zoals fouilleren en fysiek tegenhouden niet bij. Gesloten plaatsen is ook slechts een tijdelijke oplossing. Er komt altijd een moment dat de jongere weer ‘naar de buitenwereld’ kan.”

Als minderjarigen verdwijnen uit de BO, zoals de twee Vietnamese jongens die in de koelwagen in Essex aan hun einde kwamen, moet dat heel frustrerend zijn voor de betreffende BO-medewerkers. Zijn er na dit drama nieuwe maatregelen genomen?

“De tragische afloop van het verhaal in Essex heeft zeker een behoorlijke impact gehad op de medewerkers. Binnen de groepen wordt een huiselijke sfeer neergezet en de medewerkers voeren vaak intense gesprekken met de jongeren. Ze proberen een vertrouwensband op te bouwen. Als plotseling blijkt dat een jongere niet meer in de opvang is, is dat een schok voor iedereen. In de BO is ooit een afscheidsbrief gevonden waarin stond dat ze de BO-medewerkers bedanken voor de zorg en begeleiding, dat ze een goede tijd hebben gehad, maar hun doel niet was om in Nederland te blijven. Tot nieuwe maatregelen heeft het Essex-drama niet geleid.”

Meer informatie:

Credits foto: COA Nederland

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen

Europese Kinderrechtenhelpdesk wil centrale rol voor rechten van kinderen op de vlucht

Vandaag, op de ‘Internationale Dag voor de Rechten van het Kind’, publiceren we samen met onze partners van de Europese …


Lees meer

Spanje scheidt vluchtelingenkinderen van hun ouders

Op de Canarische Eilanden, in de provincie Las Palmas, worden vluchtelingenkinderen gescheiden van hun ouders. Kinderen …


Lees meer

De rol van het Openbaar Ministerie in de strijd tegen mensenhandel

In het kader van EU Anti-Trafficking Day publiceren Defence for Children en Free Press Unlimited een drieluik met drie p…


Lees meer
We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Door gebruik te maken van onze website gaat u akkoord met ons beleid. Privacy verklaring
Ja
Nee