Scroll down

Alternate Text
News banner

Aannames over achtergrond thuiszittersproblematiek niet bevestigd

Verschillende aannames uit de wetenschappelijke literatuur over de (gedrags)problematiek die zou schuilgaan achter de vele thuiszitters in Nederland, kunnen niet bevestigd worden. Dit constateert het Kohnstamm Instituut in het rapport ‘Niet thuisgeven - Schooluitval vanuit het perspectief van leerlingen: onderzoek naar thuiszitters’ dat in oktober is verschenen. De onderzoekers concluderen dat het belangrijk is dat scholen (nog) meer aandacht hebben voor de persoon en omstandigheden achter de leerling. Defence for Children onderschrijft dit en roept de regering op werk te maken van het recht op onderwijs in een inclusief onderwijssysteem. De kinderrechtenorganisatie vindt het onacceptabel en zorgwekkend dat nog altijd een groot aantal kinderen verstoken blijft van onderwijs en dat maatregelen falen om het ‘thuiszittersprobleem’ aan te pakken.

Stijging aantal langdurig thuiszitters

In februari 2019 meldt minister Slob, voor Basis- en Voortgezet Onderwijs aan de Tweede Kamer dat er een stijging is van het aantal leerlingen dat langer dan drie maanden thuiszit en niet naar school gaat. Dit ondanks de inspanningen en ambities die voortvloeien uit de invoering van ‘passend onderwijs’ in 2014 en het Thuiszitterspact uit 2016, waarmee beoogd werd het aantal thuiszitters terug te dringen tot nul in 2020.

Verkeerde aannames

Op basis van wetenschappelijke literatuur, zo stellen de onderzoekers van het Kohnstamm Instituut, werd algemeen aangenomen dat achter deze thuiszittersproblematiek onder meer gedragsproblemen schuilgaan die samenhangen met moeilijk hanteerbaar gedrag op school en in de klas. Jongens zouden daarbij een groter aandeel hebben dan meisjes. Niet alle aannames uit de literatuur blijken bevestigd te kunnen worden. Zo vonden de onderzoekers van het Kohnstamm Instituut bijvoorbeeld voor de ‘externaliserende’ gedragsproblematiek (oppositioneel en opstandig gedrag) geen hogere (maar zelfs lagere) kans op thuiszitten, bij meisjes juist een licht hogere kans op thuiszitten en voor ‘internaliserende’ gedragsproblematiek een hogere kans op thuiszitten. In tegenstelling tot aannames uit de literatuur vonden zij verder geen indicaties dat een gebrek aan schoolmotivatie of cognitieve problemen bepalend zijn voor thuiszitten. Daarnaast constateren zij dat termen als ‘ouderbetrokkenheid’ en ‘sociaal kapitaal’ niet weergeven wat er thuis speelt, terwijl in de literatuur veelal aangenomen wordt dat het hieraan ontbreekt bij thuiszitters. De aanname dat thuiszitters vaker dan andere leerlingen te maken hebben met justitiële maatregelen klopt wél, aldus de onderzoekers, maar dan met name in civielrechtelijke zin. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om politiecontacten vanuit een beschermend optreden, zoals bij weglopen of een vermissing, of gesloten plaatsingen en specialistische hulp daarbij.  

Adviezen van leerlingen

Leerlingen betrokken bij het onderzoek geven zelf aan dat een overzichtelijke sociale structuur en het ‘bekend zijn met elkaar’, zoals dat op basisscholen is, belangrijk is om schooluitval te voorkomen. Leerlingen ervaren in het basisonderwijs meer positieve aandacht, steun en ruimte voor maatwerk. Een begeleide overgang van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs en een betere verankering van steun op het voortgezet onderwijs, zouden de schoolloopbanen en levensloop van kwetsbare leerlingen positief kunnen beïnvloeden. Verder wijzen leerlingen op het belang van een veilige schoolstructuur. Volgens hen is het belangrijk dat volwassenen niet wegkijken bij uiteenlopende problemen van of met leerlingen, dat zij leerlingen eerlijk behandelen en leerlingen niet over- en ondervragen.

Aandacht voor persoon en omstandigheden achter de leerling

Op basis van de meervoudige case study concluderen de onderzoekers dat het belangrijk is dat scholen (nog) meer aandacht hebben voor de persoon en omstandigheden achter de leerling. En dat zij gedrag (waaronder verzuim) zien als een signaal voor tijdige interventie, ook op of via school, in plaats van een ‘automatische’ indicatie voor voortgezet speciaal onderwijs of het plaatsen op een lager onderwijsniveau.

Kinderrechten onvoldoende gewaarborgd in onderwijssysteem

Ieder kind heeft recht op onderwijs in een inclusief onderwijssysteem, met zorg en ondersteuning op maat om volwaardig te kunnen deelnemen aan het onderwijs. Deze rechten worden nu onvoldoende gewaarborgd in Nederland. Het is zorgelijk dat het systeem van passend onderwijs en maatregelen om dit ‘thuiszittersprobleem’ aan te pakken onvoldoende effectief zijn. Defence for Children pleit ervoor dat de nieuwe inzichten uit het rapport ter harte worden genomen en dat gewerkt wordt aan een daadwerkelijke effectieve aanpak van het aantal thuiszitters. Daarbij is de regering aan zet om vaart te maken met de vereiste bewegingen van passend onderwijs naar inclusief onderwijs en van leerplicht naar leerrecht.

Meer informatie

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen

Ouderbijdrage onderwijs leidt tot uitsluiting: Tweede Kamer, stem voor wetsvoorstel!

Half november spreekt en stemt de Tweede Kamer over een initiatiefwetsvoorstel van de SP en GroenLinks dat gaat over de …


Lees meer

Kinderrechten onvoldoende gewaarborgd bij leerlingenvervoer

Op 29 augustus publiceerde de Kinderombudsman een rapport over leerlingenvervoer naar aanleiding van de vele vragen die …


Lees meer

Tien stappen om inclusief onderwijs te realiseren

De uitkomsten van het symposium ‘Samen op weg naar inclusief onderwijs’ dat Defence for Children op 1 juli 2019 bij het …


Lees meer
We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Door gebruik te maken van onze website gaat u akkoord met ons beleid. Privacy verklaring
Ja
Nee